6.4 Welvaart en welzijn voor eenieder

6.4 Welvaart en welzijn voor eenieder

Het ligt voor de hand dat in de eerste plaats welvaart wordt bereikt door evenwichtige economische ontwikkelingen die voornamelijk vanuit de nationale optiek dienen te worden geïnitieerd. De economische ontwikkelingen, waar de overheid een zeer belangrijke faciliterende rol en zelfs, waar noodzakelijk, sturend zal dienen te zijn, dient zich op zoveel mogelijke gebieden te voltrekken. Hierbij zijn nationale initiatieven en besparingen aangevuld met buitenlandse investeringen en expertise, van eminent belang.

Het nationale ondernemerschap dient volgens A20 hierbij centraal te staan en een drager te zijn van evenwichtige economische ontwikkelingen, waarvan de resultaten dusdanig over het volk en haar instituties dienen te worden verdeeld, zodat een ieder daarvan kan genieten. Economische ontwikkeling is voor een ieder.

Onze natuurlijke hulpbronnen, waaronder onze bossen, water en grond dienen op bedachtzame en duurzame wijze te worden gemobiliseerd ten dienste van welvaart en welzijn van ons volk. Economische ontwikkeling moet primair gericht zijn op het verhogen van het welzijn van het gehele volk. In dit kader is het van belang te gaan voor een ‘groene economie’.

A20 is voorstander van een schone economie welke gebaseerd is op de natuurlijke hulpbronnen van Suriname, die op maatschappelijk verantwoorde manier worden geëxploiteerd en waar er zoveel mogelijk recycling plaatsvindt. De economie zal zodanig ingericht moeten zijn dat er geen schade aan het milieu wordt toegebracht.

Dit betekent zoveel als uitbannen van vervuilde productiewijzen of het zoveel als mogelijk toepassen van methoden en technieken die een schoon milieu garanderen. Het streven moet zijn om met name de klein goud mijnbouw nieuwe technieken toe te laten passen die vriendelijk zijn voor het milieu. Bij het voeren van een beleid gericht op duurzaamheid en op gelijke kansen voor eenieder, kan het binnenland volgens A20 niet achterblijven.

Het binnenland, vroeger bekend als verzorgingsgebied, dient vanwege haar karakter een andere benadering te krijgen dan andere delen van het land. Het beleid dient gericht te zijn op een integrale aanpak, in die zin dat het binnenland waar mogelijk geïntegreerd dient te worden met nieuwe en bestaande productiegebieden, waardoor het binnenland het imago van verzorgingsgebied verliest en dat van productiegebied krijgt opgespeld om als zodanig te kunnen participeren in de nationale ontwikkelingen.

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email
Share on telegram

A20 SOCIAL MEDIA

nl_NLNL